Het CMIO-debat

Technologie en patiëntgerichte zorg

De functie van CMIO is redelijk nieuw. De CMIO verbindt technologische innovatie met patiëntgerichte zorg, zo blijkt uit het debat onder leiding van gespreksleider Christiaan Hoff, chirurg Medisch Centrum Leeuwarden.

Disruptie

Peter Geerlings, cardioloog en CMIO, SGJ Weert, laat een filmpje zien over Babylon Health. Je kunt deze app vragen over je gezondheid stellen, zoals je aan je huisarts zou doen. De app werkt met spraaktechnologie en gebruikt algoritmes om tot een eerste diagnose te komen. “In het Verenigd Koninkrijk werkt dit al. Ze rollen daar nu uit dat je via de app een afspraak kunt maken met een huisarts in hun call center, via een videoverbinding. Dit is echt een disruptor voor de zorg. Het kan tot veel minder huisartsenbezoek en doorverwijzingen leiden,” concludeert Geerlings. Hij ziet meer mogelijkheden voor deze technologie: “Als je spraakherkenning in het ziekenhuis zou gebruiken, dan hoeft niemand meer iets op te schrijven en zouden we veel minder registratieproblemen hebben.”

“Als CMIO houd ik mij in het ziekenhuis vooral bezig met het optimaliseren van het bestaande, zoals het EPD. Maar de meeste nieuwe ontwikkelingen vinden plaats buiten het ziekenhuis.”

Peter Geerlings, cardioloog en CMIO bij SGJ Weert

Timing

Spraaktechnologie is voor een brede toepassing in het Nederlands nog onvoldoende ontwikkeld, zegt hij. “Dat is de voornaamste reden dat we dit soort toepassingen in Nederland nog niet hebben.” Dit soort disruptieve technologie komt er echter wel aan, en snel, zegt hij. Hij besluit: “Als CMIO houd ik mij in het ziekenhuis vooral bezig met het optimaliseren van het bestaande, zoals het EPD. Maar de meeste nieuwe ontwikkelingen vinden plaats buiten het ziekenhuis. Daar moet je als CMIO dus naartoe. Zodat ik de raad van bestuur daarover kan adviseren.”

Dat is herkenbaar, zegt Els Nieveen van Dijkum, chirurg en CMIO, Amsterdam UMC: “Ontwikkelingen in de buitenwereld zijn belangrijk en de raad van bestuur gaat regelmatig met ons mee om nieuwe technologie te leren kennen. We hebben naast een IT-team en CIO ook een e-healthprogramma en proberen in dit verband gezamenlijk een strategie neer te zetten. Daarbij vind ik timing en verwachtingenmanagement lastig, want je weet niet wanneer bepaalde technologie echt inzetbaar wordt.”

Patiëntgerichte zorg

De functie van CMIO is relatief nieuw en nog niet elk ziekenhuis heeft zo’n functionaris. Geerlings: “Mijn functie werd drie keer een half jaar verlengd en daarna hebben we geconcludeerd dat deze functie nodig blijft.” Hij stond aan het begin van het CMIO-netwerk, waarin CMIO’s van elkaar leren: “We werken aan registratielastreductie, denken mee over landelijke ontwikkelingen in standaardisatie en delen kennis.”
De CMIO verbindt technologische innovatie met patiëntgerichte zorg, bijvoorbeeld door het mogelijk te maken dat patiënten hun eigen EPD kunnen inzien. Nieveen van Dijkum: “Daar was aanvankelijk weerstand tegen in ons ziekenhuis. Dankzij de ervaring van andere ziekenhuizen, via het CMIO-netwerk, konden we dit in perspectief zetten. De dossiers zijn nu open, patiënten zien direct hun uitslag. Patiënten kunnen ook meer contact hebben met hun dokter. Het is mijn taak om dokters hiervan te overtuigen. Dat dat kan was al standaard in ons ziekenhuis, dokters die hier niet aan meedoen kunnen we nu achterhalen. Dat is het voordeel van data.”

“Dokters zullen veel meer moeten gaan uitleggen wat ze doen en waarom.”

Els Nieveen van Dijkum, chirurg en CMIO bij het Amsterdam UMC

Meer voorlichting

Hoe zijn de ervaringen van het Amsterdam UMC met patiënten die hun eigen dossier kunnen inzien? Hoeveel patiënten gebruiken het, vraagt Gita Gallé, voorzitter raad van bestuur Deventer Ziekenhuis. Nieveen van Dijkum: “Dat is lastig te zeggen. Mensen kijken als ze een afspraak hebben. Ongeveer 40% van de patiënten die een account heeft is actief in het dossier. Maar wat ze er precies doen, naar een afspraak kijken of naar een uitslag, dat zien we niet.” Die 40% zegt overigens niet veel, voegt ze toe: “Als je niet meer behandeld wordt dan heb je nog wel een account, maar die gebruik je dan niet.” Inge Dekker, oprichter Pain2Power: “Ik hoor ook negatieve ervaringen. Van iemand die in haar dossier las dat de radioloog had opgeschreven bij haar longfoto ‘vlekje, kanker?’ en pas een week later in haar gesprek met de arts werd gerustgesteld.” Geerlings: “De manier van communiceren van artsen moet echt veranderen. Bij elk onderzoek zullen ze de patiënt moeten informeren dat er iets onverwachts uit kan komen. Dit gaat spelen bij alle ziekenhuizen, want elk ziekenhuis krijgt een patiëntenportaal.” Deze ontwikkeling zal ook een andere manier van werken gaan afdwingen, vermoedt men. Sneller met de patiënt communiceren, meer en duidelijke voorlichting geven wat er uit een uitslag kan komen…. “Dokters zullen veel meer moeten gaan uitleggen wat ze doen en waarom,” concludeert Nieveen van Dijkum.